{"id":4343,"date":"2019-10-28T09:17:04","date_gmt":"2019-10-28T08:17:04","guid":{"rendered":"http:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/?p=4343"},"modified":"2019-10-31T12:16:25","modified_gmt":"2019-10-31T11:16:25","slug":"jurisprudentie-september-oktober-2019","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/jurisprudentie-september-oktober-2019\/","title":{"rendered":"Jurisprudentie september-oktober 2019"},"content":{"rendered":"\n<p>Door <a rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\"Dani\u00eblla Nijman (opent in een nieuwe tab)\" href=\"https:\/\/www.halstenadvocaten.nl\/advocaten\/daniella-nijman\/\" target=\"_blank\">Dani\u00eblla Nijman<\/a> (Halsten advocaten)<\/p>\n\n\n\n<p><em>Een selectie van de uitspraken die van 28\naugustus tot met 16 oktober zijn gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak\nvan de Raad van State:<\/em><\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\"><strong>Evenementen<\/strong><\/h3>\n\n\n\n<p><strong>Evenemententerrein Zuiderpark Rotterdam:<\/strong> ABRvS 28 augustus 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117179\/201805510-1-r3\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:2899<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>De\nuitkomst van deze beroepsprocedure zou geen grote verrassing moeten zijn. De\ngemeente Rotterdam heeft in het bestemmingsplan Zuiderpark een regeling voor evenementen\nopgenomen.<\/p>\n\n\n\n<p>Voor\nhet evenemententerrein van Ahoy voorziet het bestemmingsplan in het vastleggen\nvan het bestaande, feitelijke gebruik. Voor de zwaardere evenementen zijn geen\nbeperkingen opgenomen in de planregels. Volgens de gemeente is dat niet nodig,\nomdat hiervoor een vergunningenstelsel geldt. De procedures en voorschriften voor\nen de afspraken over evenementen zijn opgenomen in de Nota\nEvenementenvergunningen en vinden toepassing in samenhang met de APV. De\nMilieudienst DCMR adviseert bij grote evenementen over het geluidniveau en er\nkunnen indien nodig nadere eisen worden gesteld, bijvoorbeeld over de plaatsing\nvan geluidsapparatuur. Volgens de raad biedt dit voldoende bescherming.<\/p>\n\n\n\n<p>Daarnaast\nverwijst de raad naar het nieuwe evenementenbeleid dat is vastgesteld en de\nlocatieprofielen die daarin zijn opgenomen. De raad is voornemens deze\nlocatieprofielen bindend vast te leggen in een paraplubestemmingsplan, maar zo\nver is het nog niet. <\/p>\n\n\n\n<p>De\nAfdeling herhaalt haar vaste mantra: regulering van evenementen op basis van de\nAPV gebeurt primair vanuit het oogpunt van openbare orde. Dat biedt niet de\nvereiste planologische rechtszekerheid en bescherming van het woon- en\nleefklimaat. In het kader van het bestemmingsplan moet onder andere een\nbeoordeling plaatsvinden van het aantal evenementen dat jaarlijks aanvaardbaar\nis en de maximale bezoekersaantallen. <\/p>\n\n\n\n<p>Het\nbestemmingsplan gaat onderuit omdat deze regeling voor grote evenementen totaal\nontbreekt. Maar ook voor de kleinere evenementen die maximaal een etmaal mogen\nduren, moet een nadere beoordeling worden gemaakt. De frequentie van deze\nkleinere evenementen is namelijk helemaal niet geregeld. Daardoor kunnen er\nvaak kleinere evenementen plaatsvinden, ook in de nachtelijke uren. De impact\nis dus niet zo gering als het op het eerste gezicht lijkt. Dus deze regeling\nvoldoet ook niet.<\/p>\n\n\n\n<p>De\nraad heeft gevraagd om een bestuurlijke lus toe te passen en een jaar de tijd\nte geven voor herstel van de gebreken. Dat vindt de Afdeling te lang. Het doel\nvan de bestuurlijke lus is dat het geschil binnen afzienbare tijd finaal kan\nworden beslecht. Kortom, de raad moet opnieuw beginnen met een\nbestemmingsplanprocedure waarin specifieke regels moeten worden geformuleerd om\nzowel de grote als de kleine evenementen in goede banen te leiden.<\/p>\n\n\n\n<p><strong>Appellabiliteit evenementenkalender:<\/strong> ABRvS 11 september 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117513\/201809179-1-a3\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:3125<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>Een inwoner\nvan de gemeente Zutphen stelt beroep in tegen de evenementenkalender om zo de\ntotale geluidshinder in 2018 te kunnen aanvechten. De rechtbank verklaart zich\nonbevoegd om van het beroep kennis te nemen. Volgens de rechtbank is het geen\nbesluit met rechtsgevolg. De Afdeling komt tot dezelfde conclusie. Plaatsing op\nde evenementenkalender levert geen onvoorwaardelijke toezegging op dat er ook\neen evenementenvergunning wordt verleend. Er worden evenementen vergund die\nniet op de kalender staan en andersom. Daarom is er geen rechtstreeks\nrechtsgevolg en geen sprake van een besluit in de zin van de Algemene wet\nbestuursrecht. De evenementenkalender kan dus niet in een beroepsprocedure ter\ndiscussie worden gesteld. <\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\"><strong>Ruimtelijke ordening<\/strong><\/h3>\n\n\n\n<p><strong>Tweede supermarkt Sneek:<\/strong> ABRvS 28 augustus 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117255\/201602508-1-r3\">ECLI:NL:RVS:2019:2939<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>In\nhet winkelcentrum in Sneek waren in het verleden twee supermarkten gevestigd.\nDe Lidl is na klachten over geluidsoverlast en handhavend optreden vertrokken,\nomdat niet aan de normen van het Activiteitenbesluit kon worden voldaan. De\neigenaar van het winkelcentrum zou graag weer een tweede supermarkt huisvesten,\nomdat dit de verhuurbaarheid van het gehele winkelcentrum ten goede komt. Maar\nde gemeente staat dit in het bestemmingsplan niet toe, omdat een tweede\nsupermarkt in strijd zou zijn met een goede ruimtelijke ordening. Lidl was\ndestijds gevestigd op basis van een vrijstelling en die is niet meer te\ngebruiken voor een andere supermarkt. <\/p>\n\n\n\n<p>De\neigenaar van het winkelcentrum betoogt dat er maatregelen mogelijk zijn om een\nsupermarkt toch akoestisch in te passen. Verschillende idee\u00ebn passeren de revue.\nHet splitsen van de bevoorrading vindt de gemeente echter niet wenselijk\nvanwege de verkeersveiligheid. Een uitschuifbare overkapping bij de laad- en\nlosplaats stuit op stedenbouwkundige bezwaren. Het laden en lossen beperken tot\ntwee vrachtwagens per dag lost de problemen ook niet op, omdat er bij \u00e9\u00e9n\nvrachtwagen al een overschrijding is van het langtijdgemiddeld\nbeoordelingsniveau van het Activiteitenbesluit. Al met al heeft de gemeente in\nredelijkheid kunnen weigeren om opnieuw een tweede supermarkt toe te laten. <\/p>\n\n\n\n<p><strong>Artillerie-Schietkamp \u2018t Harde:<\/strong> ABRvS 28 augustus 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117272\/201803385-1-r1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:2950<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>De\nraad van Oldebroek heeft het bestemmingsplan Buitengebied Mulligen vastgesteld.\nDit plan voorziet voor 38 recreatiewoningen op het recreatieterrein Mulligen in\neen woonbestemming. <\/p>\n\n\n\n<p>Ruim\n800 meter ten zuiden van dit recreatieterrein bevindt zich het Artillerie-Schietkamp.\nDe Minister van Defensie komt op tegen het bestemmingsplan, omdat de\nwoonbestemmingen een belemmering zouden kunnen opleveren voor het schietterrein.\nHet ASK is vergunningplichtig omdat er jaarlijks meer dan 3 miljoen schoten\nworden gelost. De Minister vreest voor problemen bij een toekomstige herziening\nvan de geldende milieuvergunning uit 1994. De Minister voert daarnaast aan dat\nter plaatse van de recreatiewoningen geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat\nvoor burgerbewoning kan worden gegarandeerd.<\/p>\n\n\n\n<p>De woningen\nliggen binnen de invloedssfeer van het ASK. Op basis van de milieuvergunning\nzijn in het plangebied geluidniveaus toegestaan tussen 49 en 52 dB(A) overdag\nen tussen 43 en 50 dB(A) in de avond. De raad had daarom akoestisch onderzoek moeten\ndoen bij de vaststelling van het plan. Omdat dit niet is gebeurd, wordt het\nbestemmingsplan vernietigd. De rechtsgevolgen blijven echter in stand, omdat\ndit akoestisch onderzoek alsnog is gedaan. <\/p>\n\n\n\n<p>Op de\nrecreatiewoningen blijkt ingevolge de milieuvergunning van 1994 een\ngeluidbelasting op te kunnen treden van 50 dB(A) overdag en 49 dB(A) in de\navondperiode. De streefwaarde van 45 dB(A) wordt overschreden. Daarom is in het\nrapport getoetst aan stap 3 van de VNG-brochure. Aan de daarin genoemde\nmaximale waarden kan wel worden voldaan, nu er sprake is van gemengd gebied.\nDaarnaast is de cumulatieve geluidhinder beoordeeld, met de conclusie dat er\nsprake is van een redelijk woon- en leefklimaat. De Minister voert nog aan dat\ner woningen zijn met houten gevels, maar volgens de raad zijn die woningen\nvoorzien van een goede kierdichting en isolatie. Er is uiteindelijk geen reden\nom aan te nemen dat er geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden\ngegarandeerd.<\/p>\n\n\n\n<p>De\nMinister heeft niet aannemelijk gemaakt dat er een gegronde vrees bestaat dat de\nvoorziene woningen in de weg staan aan een nieuwe vergunningverlening voor het\nschietterrein. Nog daargelaten dat dit een onzekere uitkomst is van een\neventuele toekomstige gebeurtenis. Zonder concrete aanknopingspunten dat de\nmogelijkheden voor het schietterrein beperkt zullen worden door de woningen,\nmocht de raad aan dat belang van Defensie een beperkt gewicht toekennen. Het\nbestemmingsplan blijft in stand.<\/p>\n\n\n\n<p><strong>Handhaving wonen op industrieterrein Groningen:<\/strong> ABRvS 11 september 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117406\/201807169-1-a1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:3088<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>Deze\nuitspraak laat zien hoe verschillend een rechtbank en de Afdeling over een zaak\nkunnen denken. De Afdeling laat niets heel van de uitspraak van de rechtbank.\nWat was er aan de hand? <\/p>\n\n\n\n<p>Appellanten\nzijn allemaal eigenaar van panden op een gezoneerd industrieterrein. Zij wonen\ndaar ook, in strijd met het bestemmingsplan. Het college is niet bereid om planologische\nmedewerking te verlenen aan een woonbestemming en treedt handhavend op tegen\ndit strijdige gebruik. <\/p>\n\n\n\n<p>Volgens\nde rechtbank heeft het college niet goed genoeg gemotiveerd waarom zij geen\nmedewerking verleent en waarom handhaving niet onevenredig is. Er zijn\nbijvoorbeeld ook andere woningen op het industrieterrein waarvoor wel een\nvergunning is afgegeven. <\/p>\n\n\n\n<p>De\nAfdeling heeft meer sympathie voor de beleidskeuzes van het college: in\nprincipe geen woningen op een gezoneerd industrieterrein. De gebruiksmogelijkheden\nvan bestaande en toekomstige bedrijven wordt hierdoor beperkt. Andersom is er\ngeen acceptabel woon- en leefklimaat. De panden liggen op het gezoneerde\nindustrieterrein, zodat het Activiteitenbesluit bij een gebruik als woning geen\nbescherming tegen geluidhinder biedt. De te verwachten geluidsbelasting op de\ngevels is 65 dB(A) en kan oplopen tot en met 81 dB(A). (Noot: de Afdeling stelt\ndat de woningen \u201cbinnen de zone van het industrieterrein\u201d liggen, maar uit de\nmotivering van het college blijkt dat bedoeld wordt \u201cop het gezoneerde\nindustrieterrein\u201d. Een essentieel verschil omdat alleen dan het\nActiviteitenbesluit geen bescherming biedt).<\/p>\n\n\n\n<p>Voor\nde Afdeling is dit meer dan voldoende onderbouwing. De maandelijkse lezer weet\ndat dit vaste jurisprudentie is. Sterker nog, je kunt je ten zeerste afvragen\nonder welke omstandigheden hier de toevoeging van een woonbestemming aanvaardbaar\nzou zijn. En hoe zit het dan met die andere woningen? In twee gevallen is de\nvergunning in het verleden foutief verleend. Voor twee andere gevallen is\nduidelijk dat er sprake was van een ander planologisch regime met\nvrijstellingsmogelijkheden en dat daarbij nooit is gekeken naar de\ngeluidsbelasting op de gevels van die panden. Van gelijke gevallen is dus geen\nsprake. <\/p>\n\n\n\n<p>Handhavend\noptreden tegen het illegale woongebruik is niet onevenredig. Natuurlijk is er\nimpact voor appellanten omdat zij naar een andere woning moeten uitzien en\nwellicht een koopprijs hebben betaald uitgaande van het gebruik als woning. De\nAfdeling kijkt nog naar een koopakte, maar ziet daarin geen garantie dat het\ngebruik als woning is toegestaan en daartegen niet handhavend wordt opgetreden.\nHet risico is dus voor appellanten, die ruimte zullen moeten maken ten gunste\nvan de gebruiksruimte van de bedrijven op het industrieterrein. <\/p>\n\n\n\n<p><strong>Transformatie boutique hotel Amsterdam:<\/strong> ABRvS 11 september 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117514\/201804373-1-a1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:3126<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>De\nOsdorperhof is een zorg- en wooncentrum met o.a. een huisartsenpraktijk en\nseniorenappartementen. Drie verdiepingen staan leeg. Het college verleent een kruimelvergunning\nom het gebruik daarvan als kantoorfunctie te wijzigen naar een logiesfunctie.\nYou Hotel wil daar een budget boutique hotel starten. Deze formule richt zich\nvooral op jongeren. <\/p>\n\n\n\n<p>De\nhuisarts ziet het niet zitten en stelt beroep in tegen de omgevingsvergunning. De\nAfdeling stelt hem uiteindelijk in het gelijk, om andere redenen dan de\nrechtbank. De hotelfunctie voor jongeren is met de bijbehorende geluidsoverlast\nen dynamiek in de nachtelijke uurtjes moeilijk verenigbaar met de zorgfunctie\nen de woningen voor kwetsbare ouderen. Veel bewoners genieten algemene en\nmedische verzorging en maken gebruik van de voorzieningen van het zorg- en\ndienstencentrum in het complex. <\/p>\n\n\n\n<p>Het\ncollege heeft er enigszins rekening mee gehouden, door te verlangen dat er\nalsnog een afzonderlijke entree komt voor het hotel. Daarmee zijn de\nbezoekersstromen gescheiden. Ook is een voorschrift aan de omgevingsvergunning\nverbonden waardoor de van de vergunning onderdeel uitmakende beheersmaatregelen\nen huisregels moeten worden nageleefd (uit de uitspraak blijkt niet wat dit\nprecies inhoudt). Maar volgens de Afdeling is daarmee alsnog onvoldoende\ngemotiveerd dat de vestiging van een dergelijke commerci\u00eble hotelfunctie zich\nverdraagt met de specifieke functie als zorgcentrum en huisartsenpraktijk. Het\ncollege heeft daar in de belangenafweging onvoldoende rekening mee gehouden. <\/p>\n\n\n\n<p>De\nbeslissing op bezwaar wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit\nnemen. Mogelijk zien we de zaak nog terug.<\/p>\n\n\n\n<p><strong>Uitbreiding bouwbedrijf Geffen:<\/strong> ABRvS 2 oktober 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117805\/201801578-1-r2\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:3326<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>De\ngemeente Oss stelt een bestemmingsplan vast waarmee de uitbreiding van een\nbouwbedrijf in Geffen mogelijk wordt gemaakt. Kennelijk is de gemeente zo\ngefocust geweest op de behoeftes van dit specifieke bedrijf, dat over het hoofd\nis gezien dat het nieuwe bestemmingsplan ook allerlei andere soorten\nbedrijvigheid mogelijk maakt. Die maximale planologische mogelijkheden zijn\nniet betrokken bij de toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking en ook\nniet bij het milieuonderzoek. Het geluidrapport gaat alleen in op de specifieke\ngeluidsbelasting van dit bedrijf. De Afdeling gaat ervan uit dat dit na\ntoepassing van de bestuurlijke lus hersteld zal worden en alsnog een\nmaatbestemming zal worden opgenomen. <\/p>\n\n\n\n<p>Inhoudelijk\nheeft de gemeente nog een punt van onderzoek uit te voeren. De gemeente stelt\ndat de geluidsoverlast op de woning van een appellant in kwestie aanvaardbaar\nis, omdat uit het onderzoek blijkt dat op dichterbij gelegen woningen aan de\ngeluidnormen wordt voldaan. Er is echter geen rekening gehouden met een interne\ntransportroute die dicht langs de woning en tuin van appellant loopt. Hoewel\nhet gaat om intern transport met een elektrische heftruck, sluit de Afdeling\nniet uit dat hier geluidhinder door kan worden veroorzaakt. Het betreft een\ndagelijkse handeling met een bedrijfstijd van 5 uur. De Afdeling wijst op de\nkorte afstand, het te vervoeren materiaal en de achteruitrijdsignalering. De\nbestuurlijke lus zal dus ook moeten worden benut om de geluidsbelasting hiervan\nnader te beoordelen.<\/p>\n\n\n\n<p><strong>Beachcourt Barneveld:<\/strong> ABRvS 11 september 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117447\/201902109-1-r1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:3096<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>Het\nplan maakt de bouw van een dorpshuis met inpandige sporthal en een \u2018Beachcourt\u2019\nmogelijk. Het normaal gebruik van het sportveld voldoet ruim aan het\nActiviteitenbesluit. Maar uit akoestisch onderzoek blijkt dat er tijdens\nwedstrijden een overschrijding van de toegestane maximale geluidniveaus\noptreedt. Die overschrijding wordt veroorzaakt door het scheidsrechtersfluitje.\nOmdat deze wedstrijdsituatie maximaal tien keer per jaar optreedt, vindt de\nAfdeling dat het woon- en leefklimaat hierdoor nauwelijks nadelig wordt\nbe\u00efnvloed. Ondanks het gefluit is er sprake van een aanvaardbaar woon- en\nleefklimaat. &nbsp;&nbsp;<\/p>\n\n\n\n<p><strong>Voetbalcomplex Egmond:<\/strong> ABRvS 11 september 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117485\/201801829-1-r1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:3119<\/a> <\/p>\n\n\n\n<p>Hoe\nver moet je gaan in het borgen van akoestische uitgangspunten? De gemeente\nheeft de inpasbaarheid van het nieuwe voetbalcomplex gemotiveerd onder\nverwijzing naar de in de VNG-brochure aanbevolen geluidniveaus. Volgens\nappellant is het niet zeker dat er alleen scheidsrechtersfluitjes met een\nbronvermogen van maximaal 116 dB(A) worden gebruikt. Scheidsrechters nemen\nimmers graag hun eigen fluitje mee. <\/p>\n\n\n\n<p>Een\ngebruiksregel in het bestemmingsplan is niet nodig. De gemeente zegt toe een\nmaatwerkvoorschrift op te leggen op grond van het Activiteitenbesluit. Dat\nmaatwerkvoorschrift is handhaafbaar. En desnoods kan de gemeente privaatrechtelijk\nafdwingen dat er niet te hard wordt gefloten, omdat zij eigenaar is van de\ngronden. Daarmee is alles voldoende geborgd. <\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\"><strong>Wabo<\/strong><\/h3>\n\n\n\n<p><strong>Omgevingsvergunning strijdig gebruik Lieveren: <\/strong>ABRvS 9 oktober 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117863\/201808070-1-a1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:3394<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>Dit\nis een interessante uitspraak over de betekenis van het akoestisch rapport dat\nonderdeel uitmaakt van de aanvraag voor een omgevingsvergunning strijdig\ngebruik. In het akoestisch rapport en het bedrijfsplan zijn de bedrijfsactiviteiten\nbeschreven. Het gaat om een klussen-, bestratings- en hoveniersbedrijf met een\ncaravanstalling. Vanwege de buitenopslag van afval en containers is er voorzien\nin een geluidsafschermende muur en een geluidsscherm. Daarvoor is gelijktijdig\neen omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen verleend.<\/p>\n\n\n\n<p>In\nberoep ontvouwt zich een uitgebreide discussie over de inhoud van het\ngeluidrapport. Volgens de protesterende omwonende zijn de bedrijfsactiviteiten\nniet correct omschreven en wijkt dat af van de feitelijke situatie. Ook zou er\ngeen rekening zijn gehouden met mogelijke groei van het bedrijf.<\/p>\n\n\n\n<p>De\nAfdeling overweegt dat deze discussie niet relevant is. Het bedrijf moet\nnamelijk gewoon aan het Activiteitenbesluit voldoen. Het is dus niet zo dat de\ngeluidbelasting die in het akoestisch rapport wordt berekend straks ook als\nmaximaal toegestane geluidbelasting heeft te gelden. De vraag die nu voorligt\nis vooral of het mogelijk is om de betreffende bedrijfsvoering uit te oefenen\nbinnen de normstelling van het Activiteitenbesluit. Dat is een meer algemeen\ngeformuleerde vraagstelling. Als appellant gelijk heeft en er wel een\noverschrijding plaatsvindt, kan daartegen handhavend worden opgetreden. <\/p>\n\n\n\n<p>Appellant\nvoert daarnaast aan dat het college voorschriften aan de omgevingsvergunning\nhad moeten verbinden om zeker te stellen dat de geluidwerende muur en het\ngeluidsscherm worden gerealiseerd. Dat is volgens de Afdeling niet nodig. Voor\nzover in het akoestisch rapport specifieke maatregelen zijn beschreven om de\ngeluidbelasting te reduceren, kunnen deze worden geacht de grenzen van de\nomgevingsvergunning te bepalen. Het gevolg hiervan is dat de vergunninghouder\nin afwijking van de omgevingsvergunning handelt wanneer hij deze maatregelen\nniet treft. <\/p>\n\n\n\n<p>Dit\nlaatste betekent wel wat voor de praktijk. Het opnemen van concrete\ngeluidmaatregelen in een akoestisch rapport dat onderdeel is van de aanvraag om\neen omgevingsvergunning, betekent dus ook dat de aanvrager na\nvergunningverlening verplicht is om die maatregelen uit te voeren. <\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\"><strong>Windturbines<\/strong><\/h3>\n\n\n\n<p><strong>Windturbine Kollum (deel 2):<\/strong> ABRvS 11 september 2019, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@117460\/201805030-1-a1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2019:3102<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>De\nWindturbine van Lucky Mill B.V. in Kollum is al enige tijd onderwerp van\njuridische procedures. Appellanten wonen op ongeveer 160 meter afstand van de\nwindturbine. Zij ervaren stress en gezondheidsklachten door het geluid van de\nwindturbine. <\/p>\n\n\n\n<p>Het\ncollege van B en W heeft in 2011 het verzoek om handhavend optreden en om\nmaatwerkvoorschriften op te leggen afgewezen. In 2013 besluit het college toch\ntot actie over te gaan. Het college legt een maatwerkvoorschrift op, dat echter\nin 2017 sneuvelt bij de Afdeling. Het maatwerkvoorschrift voorzag namelijk in\neen normstelling in dB(A) en dat is niet mogelijk. De uitspraak waarin de\nAfdeling toelicht dat een maatwerkvoorschrift moet uitgaan van eenheden in dB\nLden of dB Lnight bespraken we <a href=\"http:\/\/www.geluidnieuws.nl\/n\/181juris.html\">hier<\/a>.\n<\/p>\n\n\n\n<p>Het\ncollege moest dus een nieuw besluit nemen. Daarbij moest het college ook nog de\nvraag beantwoorden of er sprake is van bijzondere lokale omstandigheden die\nnopen tot het stellen van maatwerkvoorschriften. Dat was door de exploitant\nbetwist. De Afdeling had hier geen antwoord op gegeven, omdat het college eerst\naan zet was om te benoemen welke omstandigheden dit zouden zijn. <\/p>\n\n\n\n<p>Anno\n2018 maakt het college weer een draai naar het oorspronkelijke standpunt van\n2011. Het college weigert handhavend op te treden. Ook ziet het college geen\naanleiding voor het stellen van maatwerkvoorschriften. Appellanten zijn\nverbaasd over deze draai van het college. Waarom wordt er nu geen noodzaak meer\ngezien om maatwerkvoorschriften in de juiste dosismaat op te leggen?<\/p>\n\n\n\n<p>Het\ncollege motiveert dit besluit met de stelling dat er weliswaar sprake is van\nstil landelijk gebied, maar dat de locatie niet een door de provincie\naangewezen stiltegebied betreft. Ook is het vrij normaal dat windturbines\nworden geplaatst in het buitengebied, waar het van nature relatief stil is. Het\nenkele feit dat de windturbine in stil buitengebied staat, is daarom geen\nbijzondere lokale omstandigheid. Daarnaast staan er in de omgeving meer\nwindturbines op vergelijkbare afstand van een woning, waarvoor ook geen\nmaatwerkvoorschriften zijn vastgesteld. Ondanks het begrip voor de\ngezondheidsklachten, meent het college daarom geen maatwerkvoorschriften op te\nkunnen leggen.<\/p>\n\n\n\n<p>Het\nberoep van appellanten stuit af op de marginale toets van de Afdeling. De\nAfdeling herhaalt maar weer dat het stellen van maatwerkvoorschriften een\nbevoegdheid is, waarbij het college een ruime beleidsvrijheid toekomt. Het\ncollege moet een belangenafweging maken. Daarbij is er beoordelingsvrijheid bij\nde beantwoording van de vraag of er bijzondere lokale omstandigheden zijn. Het\ncollege heeft zich \u201cin redelijkheid op het standpunt kunnen stellen\u201d dat er\ngeen bijzondere lokale omstandigheden zijn waardoor een strengere norm dan het\nActiviteitenbesluit moet worden toegepast op deze windturbine. <\/p>\n\n\n\n<p>Over\nde gezondheidsklachten merkt de Afdeling op dat \u201cde omstandigheid dat\nappellanten gevoelig zijn voor het geluid van de windturbine, op zichzelf niet\nmaakt dat er ter plaatse geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat aanwezig is\u201d. Zuur,\nmaar juridisch juist. De gekozen normstelling sluit hinder niet uit. Het\nwettelijk kader biedt alleen ruimte voor een persoonlijke afweging op maat wanneer\nje het bevoegd gezag als medestander weet te vinden. <\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Door Dani\u00eblla Nijman (Halsten advocaten) Een selectie van de uitspraken die van 28 augustus tot met 16 oktober zijn gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: Evenementen Evenemententerrein Zuiderpark Rotterdam: ABRvS 28 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2899 De uitkomst van deze beroepsprocedure zou geen grote verrassing moeten zijn. De gemeente Rotterdam heeft in het<\/p>\n<p class=\"more-link\"><a href=\"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/jurisprudentie-september-oktober-2019\/\" class=\"themebutton\">Read More<\/a><\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_exactmetrics_skip_tracking":false,"_exactmetrics_sitenote_active":false,"_exactmetrics_sitenote_note":"","_exactmetrics_sitenote_category":0,"footnotes":""},"categories":[61,1,21,31,60],"tags":[],"class_list":["post-4343","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-algemeen","category-industrie","category-horeca-en-evenementen","category-jurisprudentie","category-ro"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/4343","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=4343"}],"version-history":[{"count":2,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/4343\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":4414,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/4343\/revisions\/4414"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=4343"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=4343"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=4343"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}