{"id":4980,"date":"2020-02-26T09:23:20","date_gmt":"2020-02-26T08:23:20","guid":{"rendered":"http:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/?p=4980"},"modified":"2020-02-26T09:26:02","modified_gmt":"2020-02-26T08:26:02","slug":"overzicht-jurisprudentie-februari-2020","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/overzicht-jurisprudentie-februari-2020\/","title":{"rendered":"Overzicht jurisprudentie februari 2020"},"content":{"rendered":"\n<p>Auteur: <a href=\"https:\/\/www.halstenadvocaten.nl\/advocaten\/daniella-nijman\/\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\"Dani\u00eblla Nijman, Halsten advocaten (opent in een nieuwe tab)\">Dani\u00eblla Nijman, Halsten advocaten<\/a><\/p>\n\n\n\n<p><em>Een selectie van de uitspraken die van 29 januari tot en met 19 februari 2020 zijn gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:<\/em><\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\"><strong>Ruimtelijke ordening<\/strong><\/h3>\n\n\n\n<p>Soms kan een woning erg\nongelukkig komen te liggen door de aanleg van nieuwe infrastructuur. Zoals deze\nwoning in Nuland. Het is alweer jaren geleden dat de A59 werd aangelegd,\nwaardoor je van Oss naar Den Bosch niet meer over een lange rijksweg met veel\nrotondes hoeft te rijden. Die rijksweg ligt er nog wel, als een soort\nparallelweg langs de A59. En tussen die Rijksweg en de A59 ligt deze woning van\nappellant (zie foto). Aan de zijkant van de woning ligt de rotonde met oprit\nnaar de A59. <\/p>\n\n\n\n<p><strong>Persoonsgebonden overgangsrecht woning Kom Nuland: <\/strong>ABRvS 29 januari 2020, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@119721\/201807377-1-r2\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2020:286<\/a><\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-image\"><figure class=\"alignright is-resized\"><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" src=\"http:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-content\/uploads\/2020\/02\/A59_Nuland.png\" alt=\"\" class=\"wp-image-4981\" width=\"529\" height=\"324\"\/><\/figure><\/div>\n\n\n\n<p>De woning is in een vorig\nbestemmingplan al onder het overgangsrecht gebracht. Rijkswaterstaat was\nnamelijk voornemens om de woning te kopen en te saneren in verband met de\nombouw van de rijksweg A59. Dat voornemen heeft Rijkswaterstaat nadien laten\nvaren. <\/p>\n\n\n\n<p>De gemeente besluit nu om\nde woning onder het persoonsgebonden overgangsrecht te laten vallen. Volgens de\ngemeente kan er geen aanvaardbaar woon- en leefklimaat worden gegarandeerd. <\/p>\n\n\n\n<p>De geluidgrenswaarden van\nde Wet geluidhinder worden op alle gevels overschreden. Aan de zijde van de\nRijksweg is de geluidbelasting 50 dB. De geluidbelasting van de A59 is 60 dB.\nDe hoogst toelaatbare geluidbelasting is 53 dB. <\/p>\n\n\n\n<p>Om hogere grenswaarden toe\nte kennen zullen er geluidmaatregelen moeten worden genomen. Het gemeentelijke\nbeleid houdt in dat er in ieder geval \u00e9\u00e9n geluidluwe zijde moet zijn, niet\nzijnde een dove gevel. Ook moeten er minimaal drie verblijfsruimten of\ntenminste de woon- en hoofdslaapkamer aan de geluidluwe zijde worden\ngesitueerd. Aan die voorwaarden kan niet worden voldaan. De gemeente heeft\ndaarom in redelijkheid mogen afzien van het stellen van hogere grenswaarden. Dat\nbeleid is volgens de Afdeling niet onredelijk.<\/p>\n\n\n\n<p>Hoewel de eigenaar van de\nwoning graag zijn woonbestemming terug wil hebben \u2013 al is het maar voor de\nwaarde van de woning en de mogelijkheid om deze te verhuren \u2013 gaat de gemeente\ndaar niet in mee. De insteek van de gemeente is dat het niet wenselijk is om\nsteeds nieuwe bewoners bloot te stellen aan dit akoestisch klimaat. De Afdeling\noordeelt dat de gemeente in redelijkheid heeft kunnen afzien van een\nwoonbestemming en de woning onder het persoonsgebonden overgangsrecht heeft\nkunnen brengen. De gemeente hoefde geen ruimere regeling zoals een\nuitsterfconstructie of objectgebonden overgangsrecht op te nemen.<\/p>\n\n\n\n<p>De consequenties zijn verstrekkend. Appellant is eigenaar, maar verhuurt de woning. Op basis van de planregels mag de bewoning door de huidige bewoners worden voortgezet. Zodra een huidige bewoner het gebruik staakt, vervalt zijn recht op bewoning van het pand. Onder \u2018huidige bewoners\u2019 worden de personen verstaan die ten tijde van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan op dat adres staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen. Indien de eigenaar daar zelf niet woont, valt hij daar dus al niet onder. En aangezien zijn perceel is bestemd als Groen, zal hij na vertrek van de zittende huurders weinig zinvols met de leegstaande woning kunnen doen. <\/p>\n\n\n\n<p><strong>Transformatie Zeeburgerpad Amsterdam: <\/strong>ABRvS 19 februari 2020, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@120051\/201901837-1-r1-en-201901911-1-r1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2020:530<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>Het\ndoel van het bestemmingsplan \u201cZeeburgerpad\u201d is om de transformatie naar een\ngemengd woon- en werkgebied mogelijk te maken. Uitgangspunt is dat zittende\nbedrijven positief worden bestemd, maar zonder uitbreidingsruimte. Vanwege weg-\nen spoorlawaai worden hogere waarden vastgesteld op basis van de Wet\ngeluidhinder. <\/p>\n\n\n\n<p>Het\nbestemmingsplan is kennelijk zes jaar geleden ook al onderwerp van discussie\ngeweest. Dit bestemmingsplan dient namelijk tevens om gebreken te herstellen\ndie zijn geconstateerd in een uitspraak van de ABRvS van 11 juni 2014. Erg\neenvoudig is het ook niet. Meerdere bedrijven stellen dat hun\nbedrijfsactiviteiten niet goed in kaart zijn gebracht, dat zij in een andere\nmilieucategorie zouden vallen, of dat zij aan andere geluidnormen moeten\nvoldoen dan waar de geluidrapporten van uitgaan. Op de details ga ik hier niet\nin. <\/p>\n\n\n\n<p>Een\neigenaar van gronden nabij het gezoneerde industrieterrein, hoopt te profiteren\nvan de gemeentelijke ambities tot transformatie van het gebied. Hij wil ook in\naanmerking komen voor woningbouw. Maar die vlieger gaat niet op. De raad vindt\nhet niet wenselijk om woningen toe te staan op zo\u2019n korte afstand van het\nindustrieterrein. Het argument dat er al meerdere woningen op korte afstand\nstaan, doet daar niet aan af. Uitgangspunt is namelijk dat de zittende\nbedrijven geen extra beperkingen moeten krijgen. Toevoeging van nieuwe woningen\nzou daar wel toe kunnen leiden. <\/p>\n\n\n\n<p>Bovendien\nzegt de aanwezigheid van andere woningen niks over de aanvaardbaarheid van het\nwoon- en leefklimaat. Dat er geluidmaatregelen kunnen worden getroffen maakt\nook niet direct dat het een geschikte locatie is voor woningbouw. Zoals de\nAfdeling zegt \u201cbehelst een goede ruimtelijke ordening meer dan een beoordeling\nvan het akoestisch woon- en leefklimaat\u201d. De gemeente heeft een ruime\nbeleidsvrijheid en kan zich vrij snel op het standpunt stellen dat het\nsimpelweg niet wenselijk is om woningen toe te voegen op korte afstand van het\nindustrieterrein. <\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\"><strong>Wabo<\/strong><\/h3>\n\n\n\n<p><strong>Caf\u00e9 de Bonte Koe &#8211; deel 2:<\/strong> ABRvS 29 januari 2020, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@119734\/201806732-1-a1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2020:298<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>De\nzonder vergunning gebouwde serre van caf\u00e9 de Bonte Koe in Leiden gaf al eerder\naanleiding voor jurisprudentie. De overbuurman klaagde terecht over een te hoge\ngeluidbelasting in de nachtperiode, veroorzaakt door het stemgeluid van\nbezoekers op de stoep en in de serre en het muziekgeluid. De uitspraak van 24\njanuari 2018 bespraken we <a href=\"http:\/\/www.geluidnieuws.nl\/n\/182juris.html\">hier<\/a>.\n<\/p>\n\n\n\n<p>Inmiddels\nis er opnieuw beslist op de aanvraag om omgevingsvergunning, waarmee de serre\nmoet worden gelegaliseerd. Het college heeft de aanbevelingen van de Afdeling\nopgevolgd en aan de vergunning een voorwaarde verbonden. Die voorwaarde houdt\nin dat de exploitant van het caf\u00e9 aan de eigenaar van de woning aan de overkant\neen schriftelijk aanbod moet doen om geluidreducerende voorzieningen te treffen\nen dat die voorzieningen bij aanvaarding van het aanbod binnen een jaar moeten\nzijn aangebracht.<\/p>\n\n\n\n<p>De\nnieuwe eigenaar van de tegenoverliggende woning ziet het niet zo zitten met de\ngeluidreducerende maatregelen. Volgens hem staat helemaal niet vast dat de\nvoorgestelde maatregelen het beoogde effect zullen hebben. Het is een\nmonumentaal pand, dus het treffen van maatregelen is niet eenvoudig. Hij stelt\ngeen vertrouwen te hebben in de omgevingsdienst, gezien de ernstige fouten die\nin de procedure zijn gemaakt en die blijken uit de rechterlijke uitspraken. Hij\nheeft daarom geen toestemming gegeven om het pand te inspecteren. Het college\nzou hem bovendien ten onrechte niet in de gelegenheid hebben gesteld om een\neigen adviseur aan te wijzen. De termijn van een jaar om de voorzieningen te\nrealiseren vindt hij te lang. <\/p>\n\n\n\n<p>De\nAfdeling gaat niet mee in deze argumentatie. Het college heeft de\nwoningeigenaar betrokken bij de totstandkoming van het voorstel. Uit de notitie\nvan de omgevingsdienst volgt dat de gevelisolatie met 9 tot 12 dB kan\nverbeteren, waardoor voldaan kan worden aan de binnenwaarden voor het\nlangtijdgemiddeld beoordelingsniveau en het maximale geluidniveau. Zonder\nwoningopname is het weliswaar niet precies vast te stellen van het werkelijke\neffect is, maar de omgevingsdienst heeft zich kunnen baseren op ervaringen bij\nvergelijkbare monumenten in Leiden. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt\ndat de conclusies van de omgevingsdienst onjuist zijn. Hij kan niet onderbouwen\nwat er niet deugt aan het advies van de omgevingsdienst. Dat de omgevingsdienst\nin een eerder stadium van de procedure fouten heeft gemaakt, betekent niet dat\nhet college de omgevingsdienst daarom niet meer mocht inschakelen. <\/p>\n\n\n\n<p>Dat\nappellant de voorgestelde maatregelen niet acceptabel vindt, maakt ook niet dat\nde gestelde voorwaarde niet redelijk is. Niet gebleken is dat het aanbrengen\nvan de voorzieningen onevenredig bezwaren is voor appellant, of dat dit om\nandere redenen niet van hem kan worden gevergd. Appellant heeft ter zitting nog\ngesteld dat hij een oplossing wenst in de vorm van dubbele beglazing, maar hij\nheeft niet kunnen onderbouwen dat dit een adequate oplossing is met een\ngelijkwaardig resultaat wat betreft de geluidreductie. Een termijn van een jaar\nvoor de uitvoering van de maatregelen vindt de Afdeling niet onredelijk lang. <\/p>\n\n\n\n<p>Tot\nslot komt nog aan de orde dat de exploitant van het caf\u00e9 het voorstel niet\nbinnen een maand heeft gedaan, terwijl dat wel had gemoeten. Dat gaat echter\nover de naleving van de vergunningsvoorschriften en niet over de rechtmatigheid\nvan de vergunning op zich. Conclusie: beroep ongegrond. <\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\"><strong>Planschade<\/strong><\/h3>\n\n\n\n<p><strong>Planschade windturbines Netterden:<\/strong> ABRvS 12 februari 2020, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@119912\/201903789-1-a2\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2020:437<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>Appellanten\nvragen om vergoeding van planschade. Op 740 meter afstand van hun woning mogen\nvier windturbines worden opgericht met een tiphoogte van 139 meter. Dit leidt\ntot een hogere geluidbelasting.<\/p>\n\n\n\n<p>Het\ncollege heeft het planschadeverzoek afgewezen. Volgens het college is de\nwaardedaling van de woning \u20ac&nbsp;5.000,&#8211;. Dat is omgerekend 1,96%. De eerste 2%\nwaardedaling blijft volgens de wet als normaal maatschappelijk risico voor\neigen rekening. Het college hoeft dus geen planschadevergoeding toe te kennen.<\/p>\n\n\n\n<p>Appellanten\nstellen dat de toename van de geluidhinder is onderschat en daardoor ook de\nwaardevermindering van hun woning. De Stichting Advisering Bestuursrechtspraak\n(StAB) heeft advies uitgebracht over de geluidhinder. Er is een toename van\ngeluid van ten minste 5 dB, zodat er sprake is van planologisch nadeel. Daarbij\nheeft de StAB rekening gehouden met de cumulatie met het geluid van de\nnabijgelegen snelweg en het feit dat het geluid van de windturbines\nhinderlijker is. Het specifieke karakter van het windturbinegeluid is in de\nberekening van de StAB verdisconteerd, zodat argumenten van appellanten op dit\npunt stranden. De geluidhinder is volgens de Afdeling niet onderschat.<\/p>\n\n\n\n<p>Hoe\nzit het dan met de waardedaling? Appellanten verwijzen naar gemeentelijke beleidsregels,\nwaaruit volgt dat de gemeente een waardedaling van 10% hanteert indien er\nbinnen een afstand van 500 tot 1000 meter een windturbine wordt gebouwd. Die\nbeleidsregel is echter puur op de afstand gebaseerd, waarbij niet wordt gekeken\nnaar de daadwerkelijke geluidbelasting. Dat is door de StAB nu wel gedaan en de\nconclusie daarvan is dat er nog altijd slechts sprake is van een\ngeluidbelasting op de woning van 39,9 dB. Dat is passend in agrarisch\nbuitengebied. De Afdeling licht toe dat de beleidsregels hier geen rekening mee\nhouden, zodat die niet onverkort kunnen worden toegepast. Hetzelfde geldt voor\nWOZ-beschikkingen voor andere woningen, waaruit een grotere waardedaling lijkt\nte volgen. Die WOZ-beschikkingen zijn op die beleidsregel gebaseerd en kunnen\ndus om dezelfde reden niet als vergelijkingsmateriaal worden gebruikt. <\/p>\n\n\n\n<p>Appellanten\ndoen voorts een beroep op de aanbevelingen van de WHO, die <a href=\"http:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/overzicht-jurisprudentie-dec-2019-en-jan-2020\/\">hier<\/a> al eerder ter sprake kwamen. De Afdeling constateert\nechter dat de windturbines in dit geval qua geluidbelasting voldoen aan die\naanbevelingen. Verwijzingen naar rapporten van universiteiten en uitspraken in\nandere planschadezaken helpen evenmin. In veel andere zaken is namelijk sprake\nvan meerdere schadefactoren die meewegen in de taxatie. Daardoor zijn het geen\nvergelijkbare gevallen en is een hogere waardedaling in andere zaken niet\nmaatgevend voor de woning van appellanten. <\/p>\n\n\n\n<p>Helpt\nde contra-expertise die ze hebben laten opstellen nog? Nee. Ten eerste omdat de\ntaxateur die zij hebben ingeschakeld geen inzicht geeft in de methode die hij\nheeft gehanteerd. Ten tweede omdat deze taxateur niet ingaat op het rapport dat\nhet college aan het besluit ten grondslag heeft gelegd en dus niet onderbouwt\nwaarom die taxatie niet zou kloppen. Een contra-expertise moet altijd meer zijn\ndan een tweede mening. In een contra-expertise moet ook het deskundigenrapport\nvan de andere partij inhoudelijk worden weerlegd. Zoals de kaarten nu liggen,\nconcludeert de Afdeling dat het college het taxatierapport van de eigen\nadviseur heeft mogen volgen. De waardevermindering komt dus niet boven de\ndrempel van 2% uit, waardoor er terecht geen planschadevergoeding is toegekend.<\/p>\n\n\n\n<h3 class=\"wp-block-heading\"><strong>Laagfrequent geluid<\/strong><\/h3>\n\n\n\n<p><strong>Gaswinning Bergen:<\/strong> ABRvS 12 februari 2020, <a href=\"https:\/\/www.raadvanstate.nl\/uitspraken\/@119889\/201901533-1-a1\" target=\"_blank\" rel=\"noreferrer noopener\" aria-label=\" (opent in een nieuwe tab)\">ECLI:NL:RVS:2020:428<\/a><\/p>\n\n\n\n<p>TAQA\nOnshore wint gas uit de gasvelden bij Bergen. Zij heeft een winningsplan\ningediend, waar de Minister mee heeft ingestemd. Deze besluitvorming vindt\nplaats op basis van de Mijnbouwwet. <\/p>\n\n\n\n<p>Het\ncollege van burgemeester en wethouders van Bergen heeft beroep ingesteld. Een\nvan de argumenten is dat er ten onrechte geen uitgebreid onderzoek is gedaan naar\nlaagfrequent geluid. Daar had het college om gevraagd in een zienswijze op het\nontwerpbesluit. Volgens de Minister is daar geen aanleiding toe, omdat\nlaagfrequent geluid als onderdeel van het totale geluid wordt beoordeeld in het\nkader van de omgevingsvergunning die op grond van de Wabo nodig is voor een\nmijnbouwwerk. Kortom, dat komt nog wel.<\/p>\n\n\n\n<p>Op\nzichzelf zou de Minister het ontstaan van geluidhinder kunnen betrekken bij de\nbesluitvorming. Sinds 1 juli 2017 is er een wettelijke grondslag op basis\nwaarvan de Minister instemming met een winningsplan kan weigeren indien er\nnadelige gevolgen voor het milieu ontstaan. De Minister is echter niet\nverplicht om onderzoek te doen naar mogelijke geluidhinder. De Afdeling\noordeelt echter dat de gestelde klachten over laagfrequent geluid zo vaag zijn,\ndat de Minister dit bij de besluitvorming buiten beschouwing heeft kunnen\nlaten.&nbsp; <\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Auteur: Dani\u00eblla Nijman, Halsten advocaten Een selectie van de uitspraken die van 29 januari tot en met 19 februari 2020 zijn gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: Ruimtelijke ordening Soms kan een woning erg ongelukkig komen te liggen door de aanleg van nieuwe infrastructuur. Zoals deze woning in Nuland. Het is<\/p>\n<p class=\"more-link\"><a href=\"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/overzicht-jurisprudentie-februari-2020\/\" class=\"themebutton\">Read More<\/a><\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_exactmetrics_skip_tracking":false,"_exactmetrics_sitenote_active":false,"_exactmetrics_sitenote_note":"","_exactmetrics_sitenote_category":0,"footnotes":""},"categories":[61,1,20,21,31,65,60],"tags":[],"class_list":["post-4980","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-algemeen","category-industrie","category-geluidisolatie-gebouwen","category-horeca-en-evenementen","category-jurisprudentie","category-laagfrequent-geluid","category-ro"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/4980","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=4980"}],"version-history":[{"count":5,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/4980\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":4986,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/4980\/revisions\/4986"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=4980"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=4980"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/geluidnieuws.nl\/home\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=4980"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}